Nieuws 2014

Sociale bijdragen voor zelfstandigen grondig hervormd vanaf 1 januari

Vanaf 1 januari 2015 zullen de sociale bijdragen voor zelfstandigen op een andere manier berekend worden. Momenteel moeten zelfstandigen elk kwartaal bijdragen betalen die gebaseerd zijn op hun inkomsten van 3 jaar geleden. Vanaf 2015 kunnen zij bijdragen betalen op basis van hun actuele inkomsten. 

 

De bijdragen zullen nog steeds per kwartaal geïnd worden. Het sociaalverzekeringsfonds zal telkens een voorlopige bijdrage voorstellen die gebaseerd is op de geïndexeerde inkomsten van 3 jaar geleden. Als een zelfstandige meer verdient dan 3 jaar geleden, kan hij of zij er voor kiezen om een hoger bedrag te betalen. Omgekeerd, als de inkomsten zijn gedaald tegenover 3 jaar geleden, kan hij of zij – mits toestemming van het sociaalverzekeringsfonds – een lager bedrag betalen. De aanpassing van het bedrag gebeurt binnen bepaalde grenzen en is afhankelijk van enkele voorwaarden. 

 

Van zodra de fiscale administratie weet heeft van de definitieve beroepsinkomsten van het bijdragejaar, zal het  sociaalverzekeringsfonds een eindafrekening van de sociale bijdragen maken. Heeft de zelfstandige te veel bijdragen betaald, dan krijgt hij het te veel betaalde terug. Had hij te weinig betaald, dan moet hij nog bijbetalen en kunnen eventueel verhogingen verschuldigd zijn. 

 

Meer informatie over de hervorming op http://www.bijdragenhervorming2015.belgium.be.

Vereffening en ontbinding in één akte :

De meest recente diversebepalingenwet verfijnt de voorwaarden waaraan aandeelhouders of vennoten moet voldoen als zij in één enkele akte willen overgaan tot de ontbinding en onmiddellijke afsluiting van de vereffening van hun vennootschap.

Het Wetboek van Vennootschappen laat ‘ééndagsvereffeningen’ toe als aan 5 voorwaarden wordt voldaan:

  1. er wordt geen vereffenaar aangeduid;
  2. er zijn geen passiva, volgens de staat van activa en passiva die moet worden opgemaakt naar aanleiding van de ontbinding;
  3. alle aandeelhouders of vennoten zijn op de algemene vergadering aanwezig of zijn daar geldig vertegenwoordigd, en zij stemmen eenparig vóór de ontbinding met onmiddellijke afsluiting van de vereffening;
  4. de terugname van het resterende actief gebeurt door de vennoten zelf; en
  5. als het om een nv, bvba, cvba, commanditaire vennootschap op aandelen, Europese vennootschap (SE) of Europese coöperatieve vennootschap (SCE) gaat, moet het bestuursorgaan een verslag opstellen over het voorstel tot ontbinding. Dat verslag wordt vermeld op de agenda van de algemene vergadering die zich over het voorstel tot ontbinding met onmiddellijke vereffening zal uitspreken. Bij het verslag van het bestuur wordt een recente staat van activa en passiva gevoegd. De commissaris, of als er geen commissaris werd aangesteld, een bedrijfsrevisor of een externe accountant die door het bestuur werd aangewezen, brengt over deze staat verslag uit en vermeldt in het bijzonder of de toestand van de vennootschap wel op een volledige, getrouwe en juiste wijze werd weergegeven.

 

De diversebepalingenwet voert twee correcties door op dit regime.
Voortaan volstaat het dat “alle schulden ten aanzien van derden werden terugbetaald óf dat de sommen die daarvoor nodig zijn geconsigneerd werden.”

 

De wetgever eist dus niet langer dat er ‘geen passiva’ meer zouden zijn, want technisch gezien zijn het kapitaal en de reserves ook passivaonderdelen. Door te verwijzen naar de schulden ten aanzien van derden, kan een rekening-courant van een vennoot, de verrichting niet meer blokkeren. En door in de mogelijkheid van consignatie te voorzien, kan de vennootschap wat geld opzij zetten om de kosten van de vereffening en van de fiscale afrekening te kunnen betalen.

Bovendien eist de wetgever vanaf nu dat de commissaris, bedrijfsrevisor of externe accountant van een vennootschap met revisorale controle, de terugbetaling en consignatie uitdrukkelijk vermeldt in de conclusies van zijn verslag.

Beide aanpassingen gaan in op 24 mei 2014.

Bron : Kluwer taxworld

Kleine onderneming: 15.000,00 drempel

Eindelijk is er dan toch een datum voor de inwerkingtreding van de hogere btw-vrijstellingsdrempel. De minister laat weten dat het 1 april 2014 wordt. Vanaf die datum ligt de drempel op een jaaromzet van 15.000 EUR. Momenteel ligt de drempel op 5.580 EUR. Voor veel kleine ondernemingen en verenigingen houdt dat een aanzienlijke administratieve vereenvoudiging in. Zij hoeven dan geen btw meer aan te rekenen en geen btw-formaliteiten te vervullen. De vrijstelling blijft facultatief.

Fiscale grensbedragen vanaf 01/01/2014

Vanaf 1 januari 2014 worden de meeste wettelijke bedragen uit de personenbelasting geïndexeerd. We berekenden voor u de belangrijkste bedragen die van toepassing zijn voor aanslagjaar 2015 (inkomsten 2014). De bedragen werden in het Staatsblad van 20 januari 2014 officieel gepubliceerd.