Fiscale Tips 2016

 

FISCO-TIP 20/07/2016 (BTW verkoop auto/invoer vakantie/Bestuurdersbezoldiging BTW)

HOEVEEL BTW BIJ DE VERKOOP VAN UW AUTO

 

 

Bij aankoop van een personenwagen is de BTW slechts aftrekbaar tot het percentage van het beroepsgebruik van deze auto met een maximum van 50%. Als men echter zijn personenwagen terug verkocht, dan moest men 100% BTW doorstorten aan de Staat. Dit is reeds gewijzigd sinds 01.01.2012, maar wij zien dat er nog veel verkoopfacturen van auto's verkeerd worden opgesteld. Als er bij de aankoop slechts 50 % van de BTW is afgetrokken dan moet er bij de verkoop ook slechts 50 % betaald worden. Heeft u de auto gekocht van een particulier of onder de zogenaamde margeregeling, dan geldt deze regel niet. Hoe doet u het correct ? Deel uw verkoopprijs door 2,21.

Bij voorbeeld : u verkoopt uw wagen voor 10.000,00 € 10.000,00 € : 2,21 = 4.524,89 €

Uw verkoopfactuur ziet er dan als volgt uit :

 

verkoop wagen (50%)                  4.524,89

btw 21% te betalen                           950,23

Verkoop wagen 50%                     4.524,89

BTW 0%                                                  0,00

---------------------------------------------

Totaal                                            10.000,00

 

 

 

MEENEMEN OP OF MEEBRENGEN UIT VAKANTIE

 

 

Wat mag u meenemen of meebrengen ?

 

Landen binnen Europese Unie                                                         Landen buiten de Europese Unie (ook Jersey - Canarische Eilanden,...)

 

Cashgeld > 10.000,00 € (spontane aangifte)                                      > 10.000,00 € (verplichte aangifte)

 

In de wet staat : "goederen voor persoonlijk gebruik". Er staat niet bij hoeveel dit is. Er zijn echter wel richtlijnen :

 

sigaretten :      800 stuks                                                                               200 stuks

sigaren :            200 stuks                                                                                  50 stuks

wijn :                      90 liter                                                                                        4 liter

schuimwijn :         60 liter                                                                                        4 liter

sterke drank :        10 liter                                                                                        1 liter

aperitiefdrank :     20 liter                                                                                       2 liter

 

Reist u buiten Europa en u brengt goederen mee boven 430,00 € dan moet u in België invoerrechten en/of BTW betalen. Reist u per boot, trein of auto dan ligt deze grens zelfs op 300,00 €. Koopt u bij voorbeeld de nieuwste iPhone op uw reis in Amerika dan dient u deze spontaan aan te geven aan de douane en dient u hier Belgische BTW en douanerechten op te betalen. Als u beweert dat u deze iPhone vóór uw reis reeds in België had gekocht, dan dient u dit te bewijzen. Het is daarom aan te raden om een copy van uw aankoopfacturen van uw duurdere toestellen (gsm / laptop / tablet / fototoestel /...) mee te nemen als u op reis vertrekt.

 

 

BESTUURDERSBEZOLDIGING DEFINITIEF NU

 

 

Vanaf 01 juni 2016 hebben bestuurders - rechtspersonen niet langer de keuze om hun bestuurdersbezoldiging wel of niet aan BTW te laten onderwerpen.

In een beslissing van 30.03.2016 heeft de BTW de regels definitief gemaakt.

 

Voor natuurlijke personen wijzigt er niets; deze krijgen een bestuurdersbezoldiging zonder BTW. Enkel de rechtspersonen die een bestuudersbezoldiging ontvangen zullen op deze bezoldiging vanaf 01 juni 2016 21% BTW moeten tellen en afdragen aan de Staat.

Niet op dividenden, enkel op loon en op tantièmes.

Een tantième toegekend over het jaar 2015, maar toegekend op de Algemene Vergadering na 01.06.2016 zal dus volledig onderworpen worden aan 21 % BTW.

 

Voor vele vennootschappen maakt dit niets uit; want die BTW is door de bestuurder-vennootschap te betalen aan de Staat en door de betalende vennootschap terug te krijgen van de Staat.

Maar niet alle vennootschappen zijn BTW-plichtig en deze kunnen de extra 21% BTW dus niet terugvragen ; dit is dan meestal weer op te lossen door een BTW-eenheid te maken. Tussen leden (lees vennootschappen) van een BTW-eenheid is er geen BTW verschuldigd. De voorwaarde voor een BTW-eenheid is wel dat de vennootschappen onderling met elkaar verbonden zijn op financieel, organisatorisch en economisch vlak.

FISCO-TIP 20/04/2016 (Verbouwing 6%BTW/Liquidatiereserve/Voorschotfactuur)

 

 

VERBOUWINGEN TEGEN 6 % BTW

 

 

Verbouwingen aan een woning ouder dan 5 jaar kunnen tegen het verlaagd BTW-tarief van 6% worden uitgevoerd. Vanaf 01.01.2016 moet uw woning ouder zijn dan 10 jaar om nog te kunnen genieten van deze 6 % (anders is het 21% BTW).  Is uw woning in gebruik genomen tussen 2007 en 2010 en u bent van plan om werken te laten uitvoeren, dan kan u deze best nog in 2015 laten uitvoeren.

 

 

 

LIQUIDATIERESERVE

 

  

In de onlangs gepubliceerde Programmawet dd 19.12.2014 is er sprake van een zogenaamde liquidatiereserve voor uw vennootschap.

 

Wat wil dit nu zeggen?

Vanaf AJ2015 kunnen “kleine vennootschappen” (art. 15 W. Venn.) elk boekjaar hun reserves (=winst) vastklikken mits een extra belasting te betalen van 10 % op deze winst.

 

Waarom zou u dit doen?

 

Om 2 redenen :

  1. U betaalt normaal gezien bij vereffening (=stopzetting) van uw vennootschap een liquidatiebelasting van 25% op de doorheen de jaren opgebouwde reserves in uw vennootschap. Deze liquidatiebelasting wordt 0% als u nu reeds 10% extra betaalt ; u bespaart dus 15 %.
  2. Keert u de winst uit als dividend, betaalt u normaal 25% RV op dit dividend. Als u nu 10% betaalt en 5 jaar wacht, dan mag u na 5 jaar het dividend uitkeren aan 5% RV. U bespaart dus 10%.

 

Is dit voor iedereen interessant ?

 

Neen, zeker niet. Tenslotte ben je nu al 10% extra belasting kwijt en wie weet wat de toekomst brengt ; wordt de vennootschap ooit geliquideerd ? Zijn er binnen 5 jaar nog winsten om uit te keren ?  Welke maatregelen en wetten komen er nog aan ?

Dit moet dossier per dossier bekeken worden en op de algemene vergadering, de eerste zal rond juni 2015 plaatsvinden, en zal er moeten beslist worden. 


 

 

VOORSCHOTFACTUUR

 

 

Vanaf 01.07.2015 wijzigt de opeisbaarheid van de BTW.

 

Vroeger, BTW te betalen aan de Staat in 4 gevallen :

  • Bij de levering van een goed;

  • Bij de voltooiing van een dienst;

  • Bij het uitreiken van een factuur;

  • Bij het ontvangen van een betaling;

     

    Binnenkort, vanaf 01.07.2015 BTW te betalen aan de Staat nog in 3 gevallen :

  • Bij de levering van een goed;

  • Bij de voltooiing van een dienst;

  • Bij het ontvangen van een betaling;

     

    D.w.z. dat als je gewoon een factuur maakt als je een goed hebt geleverd of als je een dienst hebt verricht verandert er niets. Maar als je een voorschotfactuur maakt dan moet deze verkoopfactuur pas in je BTW-aangifte nadat je hebt geleverd of bij ontvangst van betaling. Je moet bij je voorschotfacturen een vervaldatum vermelden (=vermoedelijke leveringsdatum) !

    Doe je dit laatste niet, dan wordt je voorschotfactuur niet als een “factuur” beschouwd, maar als een gewone “betalingsuitnodiging” en dan moet je op het moment dat je betaald bent geworden een nieuwe echte factuur uitreiken.

    Het voordeel voor de verkoper is dat hij de BTW pas moet doorstorten aan de Staat als hij zijn voorschotfactuur heeft betaald gekregen.

     

    De aankoper mag de BTW op zijn ontvangen voorschotfactuur onmiddellijk aftrekken op voorwaarde dat binnen de 3 maanden na de maand waarin de voorschotfactuur werd uitgereikt door de leverancier, de levering/dienst of betaling zijn uitgevoerd.

    Is dit niet het geval, dan moet de aankoper de BTW terugstorten aan de Staat via een correctie in rooster 61 van zijn BTW aangifte.

     

    Bovenstaande regels gelden enkel voor de lokale handelingen met Belgische BTW. Deze zijn niet van toepassing voor “BTW medecontractant” en “BTW intracommunautair”, daar gelden andere regels.

     

    In bijlage vindt u een overzicht wat één en ander verduidelijkt.

     

    Het ziet er allemaal vrij moeilijk uit, maar in de praktijk zal dit nog wel meevallen.

     

    Wie er niet aan uit kan en toch te maken heeft met voorschotfacturen à je weet ons te vinden !

FISCO-TIP 20/01/2016 (BTW Facturatieregels/Witte kassa/Maaltijdcheques/Fiscale nieuwigheden)

 

BTW-FACTURATIEREGELS WIJZIGEN 

 

 

Vanaf 01 januari 2016 gelden er nieuwe regels voor de te betalen BTW en ook voor de aftrekbaarheid.

Ze worden eenvoudiger ; het komt er op neer dat de factuurdatum nog alleen van belang is.

Tot en met 31.12.2015 moest men naar de leveringsdatum van de goederen of diensten kijken om te bepalen wanneer de BTW verschuldigd was aan de Staat. Vanaf nu telt uitsluitend de factuurdatum.

Opgepast ! De regel blijft gelden dat u ten laatste de 15e van de maand die volgt op het einde van de werken moet gefactureerd hebben.

Voorbeeld :

  • Oude regeling : levering goederen op 20.09.2015 en u factureert op 03.10.2015 à u moest de BTW opnemen in de BTW-aangifte van het 3e kwartaal 2015 en de BTW betalen vóór 20.10.2015.
  • Nieuwe regeling : levering goederen op 20.09.2016 en u factureert op 03.10.2016 à u moet de BTW opnemen in de BTW-aangifte van het 4e kwartaal 2016 en de BTW betalen vóór 20.01.2017. Dit geldt ook voor voorschotfacturen, de datum op de voorschotfactuur is van belang en niet meer de datum van ontvangst van het voorschot.

 WITTE KASSA 

 

De regering heeft uiteindelijk de knoop doorgehakt. De oude regeling van 10% is afgeschaft en men heeft gekozen voor een absolute omzetdrempel.  Horecazaken die per jaar minder dan 25.000,00 € omzet halen uit ter plaatse verbruikte maaltijden, zijn vrijgesteld van een geregistreerd kassa systeem (G.K.S.). 

 

MAALTIJDCHEQUES 

 

Nog een nieuwigheid vanaf 01.01.2016 : het maximumbedrag voor een (vrijgestelde) maaltijdcheque wordt afgetrokken. 7,00 € wordt 8,00 € omdat de maximale tussenkomst van de werkgever wordt opgetrokken van 5,91 € tot 6,91 € (art. 38/1 § 2 5WIB).  Het persoonlijk aandeel van de werknemer blijft gelijk.

Het aftrekbaar bedrag voor de werkgever stijgt ook met één euro van 1,00 € naar 2,00 € (art. 53 14° WIB).

Dit is een mogelijkheid ; de werkgever is niet verplicht om de maaltijdcheques te laten stijgen. 

 

 

FISCALE NIEUWIGHEDEN IN HET KORT 

 

Vanaf 01.01.2016 zijn er een hele reeks nieuwe fiscale maatregelen in werking getreden ; 

  • De speculatiebelasting; verkoop van aandelen, opties, warrants die binnen de 6 maanden verkocht worden, worden belast aan 33% op hun meerwaarde. Minderwaarden zijn niet aftrekbaar. 

     

  • Een hogere investeringsaftrek . 

  • Een hogere roerende voorheffing (art. 91-94) : 27% ipv 25%.

  • Het beroepskostenforfait wordt opnieuw verhoogd (art. 140).

     

  • Een deel van de inkomstenschijf die tot nu toe aan 30% werd belast in de personenbelasting, wordt nu aan 25% belast (art. 142).

  •  

  • De berekening van de belastingvrije som wordt aangepast om te garanderen dat die beide tariefaanpassingen ook voelbaar zijn voor belastingplichtigen met hoge belastingvrije sommen (art. 148).

     

  • Geen BTW-vrijstelling meer voor esthetische chirurgie (art. 110 – 111).

     

  • Hogere accijnzen voor alcoholvrije dranken, koffie en brandstof.

     

  • Een kleine verhoging van de loonbonus (3.100,00 € wordt 3.169,00 €)

     

  • Maaltijdcheques voor een hoger bedrag en een hogere aftrek voor de werkgeversbijdrage

     

  • De “geïntegreerde” woonbonus slorpt de andere systemen zoals het langetermijnsparen op (art. 81-88)

     

  • De “vergroende” verkeersbelasting, die alleen nog gebaseerd is op de uitstoot (art. 105-115)

     

  • De “bijgestuurde” belasting op de inverkeerstelling, waardoor dieselauto’s zwaarder belast worden (art. 116 – 124).

     

  • Vanaf 01 april 2016 kilometerheffing op vrachtwagens > 3,5 ton.

     

  • De “witte kassa” in de horeca wordt volledig operationeel.

     

  • De drempel voor de vrijstellingsregel voor kleine ondernemingen wordt opgetrokken tot 25.000,00 €.

     

  • Het tarief verhoogt voor de renovatie van een woning die tussen 5 en 10 jaar oud is.

 

  • Een verlaagd BTW-tarief voor schoolgebouwen.

     

  • Voor café en jeugdhuizen geldt de vrijstelling nog slechts tot een bepaalde omzetdrempel.

     

  • Afzonderlijk verkochte digitale dagbladen, tijdschriften en artikels worden onderworpen aan het tarief van 21%.